Verwardheid (delier)

Bij (ernstig) zieke patiënten ontstaat tijdens de opname vaak een periode van verwardheid. Dat noemen we ook wel delier. Het is vergelijkbaar met ijlen bij koorts. Een delier is een psycho-organische stoornis. Dit betekent dat de oorzaak van de verwardheid lichamelijk is, maar de verschijnselen psychisch zijn.

 

Verschijnselen
Patiënten weten niet meer goed waar ze zijn, welke dag het is en soms halen ze ook personen door elkaar, ze zien bijvoorbeeld een verpleegkundige voor een familielid aan (desoriëntatie). In veel gevallen weten patiënten niet wat er met ze aan de hand is en draaien dag en nacht om. Het is moeilijk hun aandacht te trekken en vast te houden. Ze vertellen geen logisch verhaal en kunnen zich slecht herinneren wat er eerder gezegd of gebeurd is. Vaak hebben ze hallucinaties; ze zien of horen dingen die anderen niet waarnemen. De meeste patiënten met een delier zijn onrustig, maar soms is een patiënt juist erg in zichzelf teruggetrokken, We noemen dat dan een stil delier.

 

Soms kun je een delier in een vroeg stadium herkennen door angst, rusteloosheid en slapeloosheid bij de patiënt. Familie heeft dan het idee dat “de patiënt anders is dan anders”. Een delier kan vrij plotseling beginnen en kan wisselen in ernst in de loop van de dag. Omdat de patiënt de controle over zijn situatie verliest kan achterdocht en agressie ontstaan. Als de patiënt lichamelijk beter wordt, verdwijnt het delier in het algemeen ook weer.

 

De verschijnselen van een delier lijken op de verschijnselen van dementie. We begrijpen dat familie hiervan schrikt  en ongerust is als hun familielid verward is.

 

Kans op delier
Sommige patiënten hebben een groter risico op een delier, zoals

  • ouderen,
  • mensen die een infectie hebben,
  • mensen die regelmatig alcohol of drugs gebruiken
  • mensen die al geestelijk kwetsbaar zijn (dementie, CVA, depressie).
  • mensen die slecht zien of horen

 

Tips voor het bezoek
Voor bezoekers is het vaak moeilijk om te gaan met een familielid met een delier. Aanwezigheid van familie kan heel geruststellend zijn. Probeer rustig aanwezig te zijn, bijvoorbeeld door te gaan zitten of iemands hand vast te houden. Stel eenvoudige vragen en vertel dingen over dagelijkse gebeurtenissen die de patiënt herkent. Zeg ook welke dag en tijd het is en waar hij is en waarom. Zo kan de patiënt rustiger worden en beter begrijpen wat er aan de hand is (betere oriëntatie) . Probeer niet tegen waanvoorstellingen in te gaan, maar probeer af te leiden met “hier en nu zaken". Foto’s van bekenden en/of huisdieren kunnen ook helpen de patiënt te oriënteren. Bezoek de patiënt niet met meer dan twee personen en ga  aan één kant van het bed zitten.

 

Behandeling van delier
Bij verwarde patiënten wordt de oorzaak van het ziek zijn optimaal behandeld. Bij een infectie wordt antibiotica gegeven, iets tegen de koorts en tegen de pijn. Er worden medicijnen gegeven tegen de verwardheid (psychofarmaca)  zoals Haldol. De onrust proberen we ook met andere maatregelen te verminderen. Geruststelling, uitleg en bemoediging. We proberen het dag-nachtritme te behouden door het uit bed helpen als dat mogelijk is, en eventueel ook slaapmedicijnen. U kunt het dag-nachtritme bevorderen door het aanbieden van TV, muziek of leesmateriaal. Als al deze acties niet voldoende zijn kan het nodig zijn om de bewegingsvrijheid van de patiënt te beperken meestal door het gebruik van polsbandjes. Het vastleggen van de handen is nodig  om te voorkomen dat de patiënt er allerlei slangetjes of katheters uittrekt, of valt. We realiseren ons dat dit erg vervelend is voor de patiënt, maar ook voor de familie. Het gebeurt zo mogelijk en soms achteraf in overleg met de patiënt en de familie.

 

We doen ons best om het ontstaan van een delier zo vroeg mogelijk te herkennen door onze observatie en het gebruik van een speciaal ontwikkelde test. Als u als familielid merkt dat uw familielid (mogelijk) verward is, is het belangrijk, dat u dit bespreekt met de verpleegkundige en/of behandelend arts.

 

Wat kunt u verwachten?
Het is niet mogelijk te voorspellen hoe lang en hoe ernstig een delier verloopt. Uit onderzoek is gebleken, dat patiënten die een delier hebben meegemaakt soms denkproblemen kunnen houden of krijgen.